Hogere vleesconsumptie verlaagt mogelijk dementierisico

24 maart 2026

Een hogere vleesconsumptie hangt samen met een langzamere cognitieve achteruitgang en een lager risico op dementie bij ouderen met een verhoogd genetisch risico op de ziekte van Alzheimer.

 

Dat blijkt uit een recente cohortstudie, gepubliceerd in JAMA Network Open.

 

Studie onder ouderen met verschillende APOE-genotypen

In de studie werden ruim 2.100 ouderen zonder dementie gedurende 15 jaar gevolgd. De onderzoekers keken specifiek naar verschillen tussen dragers van het APOE ε4-gen (een bekende risicofactor voor Alzheimer) en andere genotypen.

De inname van vlees werd bepaald met behulp van voedingsvragenlijsten. Vervolgens werd gekeken naar cognitieve achteruitgang en het optreden van dementie.

 

Positieve associatie bij risicogroep

Bij deelnemers met het APOE ε4-gen bleek een hogere vleesconsumptie samen te hangen met: een langzamere cognitieve achteruitgang en een lager risico op dementie.

Zo hadden deelnemers in de hoogste consumptiecategorie een aanzienlijk lager dementierisico (subhazard ratio 0,45) vergeleken met de laagste categorie.

Opvallend is dat deze associatie niet werd gevonden bij deelnemers zonder dit genetische risico.

 

Bewerkt vlees ongunstig

Tegelijkertijd laten de resultaten zien dat een hogere verhouding bewerkt vlees ten opzichte van totaal vlees juist samenhangt met een verhoogd risico op dementie, onafhankelijk van genotype.

 

Gepersonaliseerde voedingsadviezen

De onderzoekers concluderen dat voedingsadviezen mogelijk beter afgestemd kunnen worden op genetisch profiel. Een hogere vleesconsumptie lijkt vooral relevant voor mensen met een verhoogd genetisch risico op Alzheimer, terwijl beperking van bewerkt vlees voor iedereen van belang blijft.

 

Kanttekeningen

Het gaat om observationeel onderzoek, waardoor geen causale verbanden kunnen worden vastgesteld. Daarnaast is de vleesconsumptie gebaseerd op zelfgerapporteerde gegevens.

 

Conclusie

Deze studie draagt bij aan de groeiende aandacht voor gepersonaliseerde voeding. De resultaten suggereren dat genetische factoren, zoals het APOE-genotype, een rol kunnen spelen in de relatie tussen voeding en cognitieve gezondheid. Verdere studies zijn nodig om deze bevindingen te bevestigen en te vertalen naar praktijkrichtlijnen.

 

 

Voor de effecten van verschillende voedingsstoffen op het dementierisico, zie:

 

 

Voor de invloed van genotype op het voedingsadvies, zie:

 

Overige informatie

Bronnen

Reacties

Zelf een reactie toevoegen

De velden gemarkeerd met een * zijn verplicht.