Er is meer aandacht nodig voor de inname van B-vitamines van preterm geboren zuigelingen die na ontslag uit het ziekenhuis volledig met borstvoeding worden gevoed.
Door te laag aangelegde vitaminevoorraden tijdens de zwangerschap, een verhoogde vitaminebehoefte door ziekte, therapie en inhaalgroei en lagere vitaminegehaltes in preterme moedermelk kunnen sneller vitaminetekorten ontstaan bij preterm geboren zuigelingen.
In het ziekenhuis krijgen preterm geboren zuigelingen vaak extra vitamines of een speciale prematurenvoeding.
Uit Noors onderzoek blijkt dat circa 1/3 van de preterm geboren zuigelingen na ontslag uit het ziekenhuis volledige borstvoeding krijgt. Door inadequate vitaminesuppletie in de thuissituatie blijkt op de gecorrigeerde leeftijd van 6 maanden 80% een verhoogd homocysteïnegehalte (≥ 6,5 µmol/l) te hebben en de status van foliumzuur, vitamine B6 en riboflavine daalt in deze periode. De vitamine-B12-status stijgt wel maar op de à-terme leeftijd heeft 51% nog een te lage vitamine-B12-status.
Op de gecorrigeerde leeftijd van 6 maanden heeft een aanzienlijk deel van de zuigelingen een te lage status: riboflavine (40%), foliumzuur (29%) en vitamine B12 (19%).
Er is meer aandacht nodig voor vitaminesuppletie bij preterm geboren zuigelingen na ontslag uit het ziekenhuis die met borstvoeding worden gevoed. Ook is het belangrijk de status van de B-vitamines te bepalen.
Het onderzoek is gepubliceerd in Nutrients.
Voor meer informatie zie:
| Bronnen |
|