Een ernstige vitamine-E-deficiëntie en vetmalabsorptie kan leiden tot het bruine-darmsyndroom. Het monitoren van de vitamine-E-status en vitamine-E-suppletie is belangrijk bij patiënten met vetmalabsorptie.
De vitamine-E-deficiëntie resulteert in de oxidatie van vetten en het ontstaan van pigmentstof, lipofuscine. Lipofuscine kan zich ophopen in de gladde spiercellen van het maagdarmkanaal waardoor deze bruin kleuren. Daarnaast zorgt lipofuscine voor een progressieve darmdisfunctie.
Vitamine-E-suppletie in het beginstadium van het bruine-darmsyndroom kan de klachten verminderen.
In het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde is recent een case beschreven van een cachectische man met het bruine-darmsyndroom.
Het is belangrijk dat de vitamine-E-status wordt gemonitord bij patiënten met vetmalabsorptie (zoals bij de ziekte van Crohn, colitis ulcerosa, bariatrische operaties met malabsorptie, chronische pancreatitis, coeliakie, leverziekten, intestinale pseudo-obstructie).
Meer informatie over het bruine-darmsyndroom en het monitoren van de vitamine-E-status zie:
| Bronnen |
|