Het RIVM heeft een rapport uitgebracht over obesogene stoffen in consumentenproducten, met speciale aandacht voor cosmetica en schoonmaakmiddelen.
Overgewicht en obesitas worden meestal verklaard door een combinatie van ongezonde voeding, te weinig beweging, genetische aanleg en sociale factoren. Toch groeit de wetenschappelijke aandacht voor een andere mogelijke beïnvloeder van het lichaamsgewicht: chemische stoffen die de stofwisseling kunnen verstoren. Deze stoffen worden ook wel 'obesogenen' genoemd.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft een rapport uitgebracht over obesogene stoffen in consumentenproducten, met speciale aandacht voor cosmetica en schoonmaakmiddelen. Volgens het RIVM zijn er aanwijzingen dat bepaalde chemische stoffen de vetopslag, hormoonhuishouding en energiehuishouding van het lichaam kunnen beïnvloeden. Vooral blootstelling tijdens de zwangerschap en vroege kinderjaren kan mogelijk gevolgen hebben voor het latere risico op obesitas.
Hoewel de wetenschap nog niet alle mechanismen volledig heeft opgehelderd, groeit internationaal de zorg over langdurige blootstelling aan lage concentraties van dergelijke stoffen in het dagelijks leven.
Wat zijn obesogenen?
Obesogenen behoren tot de bredere groep van hormoonverstorende stoffen (endocrine disrupting chemicals, EDC's). Het gaat om chemische verbindingen die de werking van hormonen kunnen beïnvloeden. Hormonen spelen een cruciale rol bij processen zoals vetopslag, eetlust, energieverbruik en de ontwikkeling van vetcellen.
Volgens wetenschappelijke studies kunnen obesogenen onder meer: de aanmaak van vetcellen stimuleren, de opslag van vet vergroten, het verzadigingsgevoel beïnvloeden, de stofwisseling vertragen, de gevoeligheid voor insuline veranderen en effecten hebben op darmmicrobioom en energieverbruik.
Het RIVM onderzocht welke stoffen in cosmetica en detergenten mogelijk obesogene eigenschappen hebben en in welke productgroepen deze voorkomen. Daarbij keek het instituut zowel naar wetenschappelijke literatuur als naar informatie uit productdatabases.
Stoffen die onder de loep liggen
Het rapport noemt verschillende stofgroepen die mogelijk obesogene eigenschappen hebben. Niet al deze stoffen zijn bewezen veroorzakers van obesitas bij mensen, maar er zijn wel aanwijzingen uit dierstudies, celonderzoek of epidemiologische studies.
Ftalaten
Ftalaten worden gebruikt als weekmakers en geurdragers. Ze kunnen voorkomen in parfums, lotions, shampoos en andere verzorgingsproducten. Sommige ftalaten staan al langer ter discussie vanwege hun mogelijke hormoonverstorende werking.
Onderzoek suggereert dat bepaalde ftalaten invloed kunnen hebben op vetopslag en hormoonregulatie. Vooral prenatale blootstelling krijgt aandacht, omdat deze mogelijk samenhangt met een hoger risico op overgewicht op latere leeftijd.
Bisfenolen
Bisfenolen, waaronder BPA en vergelijkbare stoffen, worden vooral bekend van plastics en coatings, maar kunnen ook voorkomen in consumentenproducten en verpakkingen. Sommige bisfenolen kunnen zich gedragen als oestrogeenachtige stoffen en zo de hormoonbalans verstoren.
De Europese regelgeving rond BPA is de afgelopen jaren aangescherpt vanwege gezondheidszorgen.
PFAS
PFAS zijn zeer persistente stoffen die onder meer worden gebruikt vanwege hun water-, vet- en vuilafstotende eigenschappen. Ze kunnen voorkomen in textiel, coatings en bepaalde consumentenproducten.
Verschillende studies suggereren een relatie tussen PFAS-blootstelling en veranderingen in cholesterolwaarden, hormoonfuncties en mogelijk ook gewichtstoename.
Parabenen en UV-filters
Parabenen worden gebruikt als conserveermiddel in cosmetica. Sommige UV-filters in zonnebrandproducten liggen eveneens onder een vergrootglas vanwege mogelijke hormoonverstorende effecten.
Hoewel veel van deze stoffen binnen de huidige wettelijke normen zijn toegestaan, onderzoeken wetenschappers steeds nadrukkelijker de effecten van langdurige gecombineerde blootstelling aan meerdere stoffen tegelijk.
Alledaagse blootstelling via cosmetica en schoonmaakmiddelen
Het bijzondere aan obesogenen is dat blootstelling vaak plaatsvindt via alledaagse producten die dagelijks worden gebruikt. Volgens het RIVM worden consumenten frequent blootgesteld aan chemische stoffen via cosmetica, schoonmaakmiddelen, kleding en andere consumentenproducten.
In het rapport wordt gekeken naar producten zoals shampoo en conditioner, bodylotion en crèmes, deodorants, parfums, make-up, schoonmaakmiddelen, sprays en luchtverfrissers.
De blootstelling kan plaatsvinden via de huid, via inademing of (in beperkte mate) via orale opname. Vooral producten die langdurig op de huid blijven zitten of frequent worden gebruikt, krijgen aandacht in risicobeoordelingen.
Nog veel onzekerheden
Het RIVM benadrukt dat er nog veel wetenschappelijke onzekerheden bestaan. Een direct oorzakelijk verband tussen specifieke consumentenproducten en obesitas bij mensen is vaak moeilijk aan te tonen.
Dat heeft verschillende redenen: mensen worden blootgesteld aan duizenden stoffen tegelijk, blootstelling gebeurt meestal in lage doses, effecten kunnen pas jaren later zichtbaar worden en leefstijl, voeding en genetica spelen eveneens een grote rol.
Bovendien worden veel stoffen afzonderlijk getest, terwijl consumenten in werkelijkheid worden blootgesteld aan mengsels van chemicaliën. Juist die gecombineerde blootstelling (het zogenoemde 'cocktaileffect') vormt een uitdaging voor de huidige risicobeoordeling.
Europese regelgeving in beweging
De aandacht voor chemische stoffen in consumentenproducten groeit ook op Europees niveau. De Europese Unie werkt aan strengere regels voor verschillende groepen hormoonverstorende stoffen en aan herziening van regelgeving rond cosmetica en schoonmaakmiddelen.
Daarnaast worden PFAS, bisfenolen en bepaalde ftalaten steeds verder gereguleerd. Tegelijkertijd groeit de discussie over hoe wetgeving beter rekening kan houden met hormoonverstorende effecten en gecombineerde blootstelling.
Een bredere kijk op obesitas
De discussie over obesogenen laat zien dat obesitas waarschijnlijk complexer is dan alleen 'te veel eten en te weinig bewegen'. Chemische blootstelling vormt mogelijk een extra factor in een bredere omgeving die gewichtstoename bevordert.
Dat betekent niet dat leefstijl onbelangrijk is geworden, maar wel dat wetenschappers steeds vaker spreken over een 'obesogene omgeving': een samenleving waarin voeding, stress, slaaptekort, sociale omstandigheden én chemische blootstelling gezamenlijk invloed uitoefenen op gezondheid.
Het RIVM-rapport onderstreept vooral de noodzaak van verder onderzoek. Meer kennis is nodig over welke stoffen daadwerkelijk bijdragen aan obesitas, welke blootstellingsniveaus risicovol zijn en hoe regelgeving consumenten beter kan beschermen.
Bron: RIVM
Voor meer informatie over de oorzaken van obesitas en de voedings- en leefstijladviezen in de preventie en behandeling van obesitas, zie:
Gerelateerd nieuws:
| Bronnen |
|