Slechts helft obesen krijgt verwijzing naar diŽtist

10 november 2015

Mensen met overgewicht en obesitas maken minder gebruik van een diŽtist dan je op grond van de gezondheidsrisicoís zou verwachten.

 

Daarbij spelen verschillende factoren een rol, zoals bereidheid om af te vallen, vergoeding van de kosten en het contact tussen huisarts en diŽtist. Dat blijkt uit het proefschrift Dietetics and weight management in primary health care van Jacqueline Tol.

De meeste volwassenen met overgewicht hoeven of willen geen hulp bij het afvallen. Toch is het voor veel van hen belangrijk dat zij ondersteuning krijgen als dit niet lukt. Huisartsen kunnen hier een belangrijke rol in spelen. Bijvoorbeeld door het belang van een gezond gewicht vaker met patiŽnten te bespreken en door te verwijzen voor een dieetbehandeling door de diŽtist.

Doorverwijzing
Huisartsen blijken slechts de helft van de patiŽnten met obesitas door te verwijzen voor een dieetbehandeling. Huisartsen die zelf overgewicht hebben, verwijzen minder vaak door en huisartsen die vaak contact hebben met een diŽtist juist meer. Huisartsen ouder dan 48 jaar en huisartsen die een gezond gewicht belangrijk vinden, brengen overgewicht vaker ter sprake.

Vergoeding zorgverzekeraars
Tegenwoordig wordt dieetadvisering voor 3 uur vanuit de basisverzekering vergoed. 'Toen dit beperkt vergoed werd, zagen we dat veel mensen niet meer naar de diŽtist gingen. Inspanning van zorgverzekeraars en beleidsmakers voor een toereikende vergoeding van een dieetbehandeling is daarom belangrijk', stelt Jacqueline Tol. 'Voor diŽtisten is het onder meer van belang dat zij blijven focussen op de motivatie van de de patiŽnten om hun gedrag te veranderen. Als mensen minimaal een half jaar in behandeling blijven, zijn de resultaten over het algemeen positief.'

Overgewicht is een belangrijk maatschappelijk thema. PatiŽnten, huisartsen, diŽtisten, zorgverzekeraars en beleidsmakers hebben een gedeelde verantwoordelijkheid om de behandeling van overgewicht in de eerstelijnsgezondheidszorg te verbeteren.

Bronnen: Tilburg Universiteit / NIVEL

 

Overige informatie

Bronnen

Reacties

Zelf een reactie toevoegen

De velden gemarkeerd met een * zijn verplicht.