Inhoudsopgave

Alles over Thiamine

8 februari 2018


1.3 Historie

Al sinds de oudheid worden verschijnselen beschreven die horen bij beriberi. In documenten uit 808 werden deze verschijnselen beschreven als 'Kakke' (Lonsdale D. 2006).

In het voormalige Nederlands-IndiŽ zag men in de tweede helft van de 19e eeuw een geheimzinnige ziekte (beriberi) die gepaard ging met verlammingen, oedeem en gestoorde hartfunctie. Beriberi betekent letterlijk 'extreme zwakte' (Cox F.M.E. 2006).

De Nederlanders Pekelharing, Winkler en Eijkman kregen de opdracht de ziekte te bestuderen. Sommigen, zoals Pekelharing, dachten dat de oorzaak een infectie was. Christiaan Eijkman, die officier van gezondheid was, nam in 1887 de leiding van het onderzoek over, samen met de Nederlander Gerrit Grijns. Het bleek al spoedig dat kippen verlammingen kregen, als zij werden gevoed met gekookte, gemalen rijst. Als ruwe, ongemalen rijst werd gegeven verdwenen de symptomen. Eijkman legde verband met de beriberisymptomen bij de mens. Hij dacht dat rijst rijk was aan zetmeel, hetgeen toxisch zou zijn voor de zenuwcel, terwijl de schil van de rijstkorrel een 'tegengif' zou bevatten. Grijns stelde in 1901 een ander mechanisme voor. Hij suggereerde dat beriberi bij vogels en bij de mens werd veroorzaakt door een tekort aan een beschermende factor die zit in de schil van de rijstkorrel (Groot E.H. 1976, Eijkman C. 1990, Luyken R. 1990, Knecht-van Eekelen A. de 1997, Carpenter K.J. 2012).

Velen probeerden de anti-beriberifactor te isoleren. Vitamine B1 werd in 1926 door de Nederlanders Barend C.P. Jansen en Willem F. Donath in Nederlands-IndiŽ geÔsoleerd. De door hen voorgestelde elementairformule C6H10ON2 was niet juist. Van Jansen kreeg vitamine B1 de naam aneurine (ofwel 'antineuritic vitamin') (Jansen B.C.P. 1926).

Eijkman herhaalde in 1927 in Utrecht zijn oorspronkelijke studies met kippen en bevestigde dat de zuivere kristallijne stof van Jansen en Donath, polyneuritis kon voorkomen (Eijkman C. 1927).

Prof.dr. C. Eijkman (zie figuur 3) ontving in 1929 de Nobelprijs voor zijn ontdekking van het antineuritis vitamine (Eijkman C. 1990).

Figuur 3: Prof.dr. Christiaan Eijkman

Dr. Christiaan Eijkman

Prof.dr. Christiaan Eijkman
(1858-1930)

 

In 1931 stelde de Duitse chemicus Adolf Windaus de aanwezigheid van zwavel in het molecuul vast (Groot E.H. 1976, Knecht-van Eekelen A. de 1997).

In 1935 werd door de Amerikaanse chemicus Robert Runnels Williams en medewerkers de structuur van het vitamine opgehelderd. Vanwege de aanwezigheid van zowel een zwavelmolecuul (thio) als een aminegroep, geeft Williams het de benaming 'thiamine' wat sindsdien de benaming 'aneurine' vervangt (Williams R.R. 1938).

Kort daarna werd het vitamine langs synthetische weg vervaardigd (Groot E.H. 1976). Naar de biochemische werking van thiamine werd veel onderzoek verricht door Engelse biochemicus Sir Rudolph Albert Peters (Peters R.A. 1936).

 


 

Bronnen


Reacties tonen.